Roken en de cijfers
In 2008 rookte 27% van alle volwassenen in Nederland en dat is een daling ten opzichte van voorgaande jaren. De grootste winst is gehaald bij de rokers van 35 tot 44 jaar. Er is wel een redelijk groot verschil in het percentage bij de mannen en de vrouwen Van de mannen rookte 30% terwijl dit bij de vrouwen maar 24 was.
Jaarlijks sterven ongeveer 4 miljoen wereldburgers aan de gevolgen van het roken. Niet vreemd dus dat 90% van alle Nederlandse rokers wil stoppen. 20 procent wil dat zelfs op korte termijn. En inderdaad: jaarlijks doen maar liefst 900 duizend medelanders een serieuze poging om te stoppen met roken.
Er zijn meer rokers onder laagopgeleiden. Terwijl 31% van de lager opgeleiden rookt, rookt 22% van de hoger opgeleiden. Bij jongeren is er ook een duidelijke relatie tussen opleiding en rookgedrag. 57% van de jongeren die praktijkonderwijs doen, heeft de afgelopen vier weken een keer gerookt, terwijl slechts 12% van de jongeren met vwo dit heeft gedaan.
65% van de rokers heeft wel eens geprobeerd om te stoppen met roken, maar is hierin niet geslaagd. 30% is het gelukt om te stoppen. De meesten hebben hierbij geen hulpmiddelen of –methoden gebruikt. 50% van de rokers is van plan om in de toekomst te stoppen met roken.
Drie kwart heeft bij de laatste stoppoging geen gebruik gemaakt van een hulpmiddel, stopmethode of ondersteuning van deskundigen. Ouderen maken meer gebruik van hulpmiddelen bij het stoppen met roken dan jongeren.
Veel (ex)rokers hebben wel eens geprobeerd om minder te roken. 26% van degenen die dat geprobeerd hebben, rookt nu weer net zoveel als voorheen. Bij 29% is het gelukt om minder te gaan roken en 42% van degenen die zijn gaan minderen, is nu helemaal gestopt.
Rokers roken gemiddeld 15 sigaretten per dag. 21% rookt minder dan 8 sigaretten per dag, 16% meer dan 22. Rokers van middelbare leeftijd roken gemiddeld het meeste aantal sigaretten per dag.
Iemand die zomaar stopt met roken maakt doorgaans weinig kans: slechts 5 tot 6 procent slaagt. Driekwart geeft al binnen één week op.
Maar stoppen met roken is mogelijk... Bijvoorbeeld met behulp van nicotinevervangers. Die verdubbelen de kans op succes. Of met Zyban van Glaxo Wellcome, een pil die (zo denken wetenschappers) de nicotinereceptoren remt. Uit Amerikaans onderzoek bleek dat maar liefst 30,3% van de Zyban-slikkers wist te stoppen met roken. Combinatie met een nicotinepleister gaf een nog beter resultaat: 35,5 procent raakte geen sigaret meer aan. Bovendien bleef de gewichtstoename beperkt: slechts 1,1 kg tegen 2,1 kg bij de mensen die een placebo slikten.
Pas na 3 maanden ben je als ex-roker uit de gevarenzone. Als je één jaar van de sigaretten af kunt blijven is de kans dat je weer begint met roken gedaald tot slechts 5 procent.
Een uitzondering zijn vrouwen die vanwege een zwangerschap stoppen met roken. Van hen is 50% binnen 6 maanden en 90% binnen 12 maanden na de geboorte van het kind weer aan de sigaret. Da's knap vervelend want rokende moeders zijn bepaald geen pretje! Dat blijkt o.a. uit Deens onderzoek: mannen met een rokende moeder lopen twee keer zoveel kans om gearresteerd te worden voor een geweldsmisdrijf dan even oude Deense mannen zònder rokende moeder. Ook begaan zij 1,6 keer zo vaak een niet-gewelddadige overtreding en is er een 1,8 keer grotere kans dat ze hun hele leven de wet blijven overtreden.
Het roken van één sigaret kost je tot 5,5 minuten van je leven. Rokers betalen dus een hoge prijs voor hun verslaving. Dat ligt niet eens zozeer aan de verslavende stof nicotine... Het zijn vooral die 4 700 andere stoffen die de roker inhaleert die gevaarlijk zijn. Teer en koolmonoxide veroorzaken o.a. kanker en hart- en vaatziekten. Dat wordt jaarlijks minimaal 23 000 Nederlanders fataal (63 per dag).
In 2008 begonnen jonge rokers gemiddeld vóór hun 15e met roken. Driekwart van alle ex-rokers is gestopt vóór hun 43ste. Gemiddeld hebben de ex-rokers er bijna 18 rookjaren opzitten wanneer ze stoppen met roken. Ex-rokers hebben een hoger lichaamsgewicht dan rokers.
In 2008 rookten nog bijna drie op de tien Nederlanders van 12 jaar en ouder. Vier op de tien hebben nooit gerookt en 30 procent is met roken gestopt. Huidige rokers en ex-rokers van 16 tot 25 jaar begonnen met roken op een gemiddelde leeftijd van 14,9 jaar. In 1989 was dat nog gemiddeld 15,5 jaar. Tussen jongens en meisjes is er nauwelijks verschil in de leeftijd waarop het eerste sigaretje wordt opgestoken. Van degenen die nu niet roken, heeft bijna de helft ooit wel gerookt. Mannen die stoppen met roken, zijn gemiddeld 36 jaar. Ze hebben dan gemiddeld ruim 19 jaar gerookt. Vrouwelijke ex-rokers stoppen gemiddeld rond hun 33ste en dan hebben zij er bijna 16 rookjaren opzitten. (bron : cbs)
Uit cijfers van het cbs blijkt dat ex-rokers gemiddeld zwaarder zijn dan rokers en mensen die nooit gerookt hebben. Vergeleken met rokers zijn de ex–rokers 3,6 kilo zwaarder. De verschillen zijn bij vrouwen (gemiddeld 4,0 kilo) groter dan bij mannen (3,4 kilo). Leeftijd en het aantal niet gerookte jaren blijken nauwelijks van invloed op verschillen in gewicht tussen ex-rokers en rokers.
Als mogelijk gevolg van de gewichtstoename komt overgewicht onder ex-rokers bijna 1,4 keer vaker voor dan bij rokers. Zestig procent van de mannelijke ex-rokers heeft overgewicht tegenover ongeveer 45 procent van de rokers en nooit-rokers. Voor vrouwen zijn deze cijfers respectievelijk 45 en 35 procent. Ook ernstig overgewicht komt bij ex-rokers vaker voor dan bij rokers en niet-rokers.
Bron : cbs, stivoro, TNS Nipo
